Mood:
Topic: Vakantie
Als je om zeven uur op staat en tegen alle verwachtingen in de zon schijnt is de eerste volle dag op Maui gelijk geslaagd. Na een ontbijtje vertrekken we zuidwaarts langs de kustlijn naar Oneloa Beach (Big Beach). Het is rond negen uur nog lekker rustig, maar de zon is flink warm. Zo gauw we het strand opkomen is duidelijk waar de naam voor staat. De golven zijn nu tussen de 1 en 2 meter (in de winter veel hoger). Er ontbreekt hier een rif dat de golven eerder breekt, dus alle golven storten zich met al hun kracht op het zand. Het is enorm cool om te zien hoe, doordat het water van de vorige golf terug vloeit in de ocean, er soms een golf ontstaat die direct aan het strand grenst. De azuurblauwe kleur van de krul, vlak voor die neerstort is fenomenaal, het geluid overdonderend (foto 1 en 2). Na wat strandpret wagen we ons toch maar aan de rit naar de Haleakala krater. Er hangt een dikke wolk omheen waardoor het lijkt alsof we van de krater, eenmaal aan de top, niet veel zullen zien. De rit is afwisselend. Na het laatste dorp met Macdonalds en Wal Mart verandert de omgeving in een Engels landschap, alsof je door Kent rijdt. Vervolgens is daar die wolk, het uitzicht is beperkt, maar al snel breken we door de soep en schijnt de zon. Het landschap doet nu denken aan de Engelse Moors. We zien de ‘State bird’ (de Nene) en een Pueo (Hawaiian Short-eared Owl). Dan verdwijnt de meeste vegetatie en vlak onder de top lijkt het meer op een maanlandschap dan iets anders (foto 3). Raar idee dat je op de hoogste berg van de wereld staat (onder water gaat ie nog een kilometer of vijf door). De lucht is fris en helder en de krater is goed te zien, geen wolk die de spelbreker uithangt.